Handleiding voor oplossen van uw vochtprobleem
in huis, gemaakt voor doe-het-zelvers en vakmensen.

 

Allereerst een schets van de meest mogelijke oorzaken van vochtproblemen:

       Afbeelding 1: Oorzaken van vochtproblemen

 

A: Opstijgend vocht
B: Hygroscopisch vocht
C: Vochtindringing door muren en vloer onder maaiveld
D: Indringend vocht langs de gevel
E: Condensatie
F: Vocht indringend via de sokkel
G: Dak en dakaansluitingen
H: Afdichtingen tussen raam en gevel
I: Lek in leiding, afvoer, douche,… (niet op afbeelding 1)

 

De letters hierboven verwijzen naar de oorzaak van het vochtprobleem. Gebruik deze letters om u te gidsen naar het betreffende hoofdstuk in deze handleiding.   

Weet u na doornemen van deze handleiding nog niet zeker vanwaar het vocht komt ? Laat dit dan eerst onderzoeken. Maak hiervoor gerust een afspraak op een door u opgegeven locatie. Zie onze pagina ‘Diagnose” door hier te klikken.

De oplossing begint meestal bij het vaststellen van de exacte oorzaak. Een vochtprobleem kan meerdere oorzaken hebben. Eens de oorzaak vastgesteld is kan een juiste behandeling worden opgesteld. Instructie hiervoor vind u hieronder evenzeer.
 

A) Opstijgend vocht:

Opstijgend vocht wordt veroorzaakt door de capillaire werking van water door het bouwmateriaal. In het algemeen hoe dikker de muren, hoe hoger het vocht kan opstijgen.

       Afbeelding 2: Opstijgend vocht in muren
 

Opstijgend vocht is meestal te herkennen aan vochtproblemen onderaan de muur op het gelijkvloers.  Afhankelijk van de constructie en de omstandigheden kan het van enkele centimeters tot zo’n anderhalve meter hoogte klimmen en de muur aantasten. Typische klachten zijn vochtige muren waar verf, behang en bezetting lost en mogelijk schimmels en zouten kunnen worden opgemerkt.

       Afbeelding 3: Voorbeeld van schade door opstijgend vocht

De behandeling tegen opstijgend vocht werd vroeger nog al eens door onderkapping van de muur uitgevoerd. Hierbij wordt de muur meter per meter onderbroken door een slijpvoeg of verwijderen van stenen waarbij de constructie opnieuw wordt opgebouwd na aanbrengen van een DPC folie. Deze operatie is duur en kan de stabiliteit van het gebouw aantasten. Vandaag wordt meestal voor injectie geopteerd, met een grote voorkeur voor een kwalitatieve injectiegel dewelke een barrière zal aanbrengen op de plaats van de injectie. Deze barrière komt tot stand doordat het bouwmateriaal de gel opneemt en ze een hydrofobe werking zal teweegbrengen. Hydrofoob wil zeggen dat het water zal afstoten. Injectievloeistoffen (met kokers of pomp) raden we af omwille van de kans op weglopen van de vloeistof door barsten en kieren waardoor de barrière onderbroken kan geraken. Een injectiegel maakt die kans op fouten vrijwel onbestaand zolang een goede strategie wordt gevolgd.

NB: Probeer opstijgend vocht niet enkel op te lossen door vochtwerende coatings op de oppervlakte van de muur aan te brengen. Dit zal bijna altijd leiden tot het maar heel even verdoezelen van het probleem maar zal het probleem niet oplossen. Integendeel, veelal zal het zelf verergeren doordat verdamping wordt verhinderd en door toename van het vocht de omvang van het schadebeeld vergroot.

Er dient een horizontale maar ook mogelijk een verticale barrière gemaakt te worden. Een horizontale barrière zal opstijgend vocht tegenhouden terwijl een verticale barrière de muur beschermt tegen vocht van aangrenzende bouwdelen (dewelke mogelijk nog vocht blijven bevatten).

Wij raden het gebruik van Humabloc Plus of Dryzone aan voor de injectie.
Ons inzien kan de doorsnee doe-het-zelver probleemloos behandelen met deze producten. Ze zijn ontwikkeld voor zowel vakman als doe-het-zelver.

 

A.1.Werkwijze ter behandeling van opstijgend vocht:

A.1.1) Bepaal vanwaar het opstijgend vocht komt:

  • Mogelijk bestaat er een waterkeringslaag die goed werkt maar vanwege een bouwfout mogelijk vocht via een zogenaamde “vochtbrug” capillair vocht overdraagt naar boven. In de meeste gevallen is dit een bezettingslaag (pleiser) die over de waterkering werd geplaatst. Een andere oorzaak kan zijn dat er tijdens het metselen te veel mortel in de spouw is gevallen. Hierdoor kan vocht via capillaire werking toch naar boven worden gezogen voorbij de waterkering. In dit geval dient u de vochtbrug (bvb. pleister of mortel in de spouw) te verwijderen ter hoogte van de waterkering. Tevens dient u na te gaan dat er eventuele zouten in de muur boven de waterkering worden vastgesteld. Indien wel, plaats zoutscherm tot 50 cm boven de zichtbare schade. Meestal is er geen injectie tegen opstijgend vocht noodzakelijk (zolang enkel de vochtbrug de oorzaak was).
    Bent u toch niet zeker van de waterkering => Injecteer de gel tegen opstijgend vocht (ga naar puntje A.1.2).
  • Er is geen waterkeringslaag of wanneer deze onvoldoende werkt door bvb. scheuren, veroudering ed.: injecteer de binnenmuur wanneer er een correcte spouw bestaat of injecteer de binnen- en buitenmuur wanneer de spouw niet bestaat of wanneer er bouwfouten in de spouw bestaan (bvb mortelresten die tijdens bouwen in de spouw vielen en moeilijk kunnen worden verwijderd).

A.1.2) Bepaal de injectiestrategie:

  • Er wordt voor klassiek metselwerk (volle bakstenen + mortelvoeg van minstens 8 mm dik) meestal in de laagste voeg boven de vloerhoogte geïnjecteerd. Afwijkingen hierop kunnen ontstaan door hoogteverschillen (zie volgend puntje), wanneer stenen zijn gelijmd (voegen <8 mm dik), prefab bouw of bij andere type stenen. Bij snelbouwstenen met een voeg dikker dan 8 mm moet men sowieso in de voeg injecteren. Contacteer ons als u twijfelt.
  • Bepaal of er hoogteverschillen zijn in de vloer zoals zichtbare trappen of sterk hellende vloeren. Wanneer het huis een half open of gesloten bebouwing betreft met een gemeenschappelijke muur (dus als er geen spouw of isolatie tussen uw muur en de muur van de buren is) dien je te weten welk hoogteverschil de vloer heeft bij uw buren. Zie volgende 2 afbeeldingen:

​       Afbeelding 4: geen hoogteverschil
 

  • Zijn er geen hoogteverschillen dan kunnen we de horizontale barrière aftekenen op enkele centimeters boven de vloer (zie afbeelding 4), met voorkeur in de voeg voor volle bakstenen of in de voeg voor andere type steen dan volle bakstenen.
  • Zijn er wel hoogteverschillen in de vloer dan wordt de hoogte van de horizontale barrière bepaalt door de hoogste vloer (zie afbeelding 5). Kennen we de hoogte niet dan dienen we de barrière hoog genoeg uit te voeren (bvb. op 50 cm hoogte) zodat deze zich zeker boven de vloer aan de andere zijde van de muur bevindt. In deze uitvoering dient er later een vochtmembraan aangebracht te worden zoals geïllustreerd in afbeelding 5.


       
     Afbeelding 5: Hoogteverschil

  • Opmerking: het kan voorkomen dat voegen niet steeds een mooie horizontale lijn vormen. Probeer in dat geval de voeg aan te houden. Enkel bij volle baksteen kan hiervan afgeweken worden.
  • Wanneer de vloer is of wordt verwijderd kan mogelijk lager worden geïnjecteerd, mits toepassing van een ontkoppeling (bvb. door waterondoordringbare uitzwelband tussen vloer en muur (bvb. tussen chape en afwerking). Hierbij dient er een voldoende diepe spouw te zijn (lager dan de boringen) of bij een volle muur met een maaiveldhoogte nog lager dan de boringen.
  • Bij voorkeur worden de injectieboringen van binnen geboord. Het kan echter ook langs buiten. Maar bezetting van kalkpleister of leem die in direct contact staat met de muur dient minimum op een hoogte van 5 – 10 cm ter hoogte van de boringen te worden verwijderd. Bezetting kan echter niet worden behandeld met een injectiegel en zal steeds een “vochtbrug” kunnen maken over de barrière. Bezetting op cementbasis is geen probleem zolang ze in goede staat is. Denk maar aan gevelplinten buiten die behouden kunnen blijven.
  • Zowel de door ons geleverde Remmers Humabloc Plus als Dryzone kan worden geïnjecteerd in boringen met een hartafstand van 10 cm uit elkaar en met een boordiameter van 12mm. Alleen wanneer een niet klassieke volle baksteen wordt behandeld en boren in de voeg met een minimum dikte van 8 mm niet mogelijk is kan van de hartafstand en boordiameter worden afgeweken. Contacteer ons in dat geval voor bijkomende info.
  • In hoeken dient gezorgd te worden dat de maximale boorafstand ook maximaal 10 cm is. Hiervoor dient soms een ‘waaiervorm” te worden toegepast. Zie afbeelding 6.

Afbeelding 6: Boorpatroon met in hoek een “waaiervorm”
 

  • Ook kan er geopteerd worden voor injectie langs beide zijden van de muur; zie afbeelding 7, of alleen langs de buitenzijde.

​​

       Afbeelding 7: Boorpatroon zowel langs binnen als langs buiten geboord.
 

  • Wanneer de te behandelen muur in direct contact staat met een aangrenzende muur die niet wordt behandeld, mogelijk één of meerdere muren van bij de buren, dient u ook verticale barrières te maken. Meestal is zo’n 40 cm hoger dan de zichtbare vochtschade voldoende. In praktijk wordt er meestal tot 1 meter hoogte toegepast. Meestal zijn er 2 verticale barrières nodig per aangrenzende muur. Wanneer het uw eigen muur betreft waarin u een verticale barrière kan en wil boren volstaat slechts 1 verticale boorrij. Op afbeelding 8 ziet u waar de verticale barrières te maken. Kan u niet bepalen waar de aangrenzende muren zich bevinden zal u een zoutscherm moeten plaatsen na injectie.

 

       Afbeelding 8: Verticale barrières

 

  • Prima ! We zijn nu klaar om de werken te starten !
     

A.1.3) Uitvoering van de injectie:

  • Zorg dat u volgende zaken in huis hebt:
  1. Injectiegel. De benodigde hoeveelheid kan worden bepaald door onze verbruikstabel dewelke u vindt bij de gels in onze shop.
  2. Injectiepistool. Voor 310ml kokers is dat een klassiek injectiepistool. Voor 600ml cartouches is er een aangepast pistool nodig. Beide zijn verkrijgbaar in onze shop.
  3. Mortel of pluggen om de boorgaten na injectie toe te stoppen. De werking van injectiegel bestaat ook uit verdamping. Hou dus de gel in de muur en laat het niet verdampen in de omgevingslucht. Onze voorkeur gaat uit naar mortel, bvb Remmers WP DS Levell.
  4. Water voor het reinigen van het pistool, eventueel een vod voor op te kuisen
  5. Boor van diameter 12mm
  6. Boormachine
  7. Meter
  8. Tape
  9. Mes
  10. Potlood of stift voor aftekenen
  11. Stofzuiger. Perslucht kan ook wanneer stof in de ruimte geen probleem vormt.
  12. Eventueel plamuurmes voor afsluiten boorgaten na injectie
  13. Persoonlijke bescherming zoals handschoenen, stofmasker, werkkledij,…
     

WERKWIJZE:

  • Teken de boorgaten af op de muur. Klassiek in de voeg boren met een hartafstand van 10 cm tussen de boringen.

       Afbeelding 9 : Boorgaten aftekenen
 

  • Markeer de boordiepte met een stukje tape op de boor. De boordiepte is de dikte van de muur verminderd met 2 tot 5 cm. In afbeelding 10 ziet u een boordiepte van 16 cm voor een muur van 19 cm dik. Wanneer in hoeken in een “waaiervorm” wordt geboord dient u de boordiepte per boring in te schatten.

       Afbeelding 10: Boor markeren

  • Boor de gaten tot wanneer de tape gelijk komt met de muur.
  • Reinig de boorgaten met een stofzuiger of persluchtpistool wanneer stof in de ruimte geen probleem vormt.

 

       Afbeelding 11: Gaten boren

  • Plaats de injectiegel in het pistool

 

       Afbeelding 12: Pistool laden

  • Snij de cartouche of koker open
  • Plaats de injectienaald

       Afbeelding 13: Koker openen

  • Gel injecteren: plaats de naald zo goed als achteraan in de boring, pomp beetje bij beetje terwijl je de naald voorzichtig achteruit trekt. Hierdoor vult u de boring volledig van achter naar voor. Stop met injecteren van zodra u aan de oppervlakte van de muur bent of zelfs een centimeter of 2 ervoor.

 

       Afbeelding 14: Injecteren

  • Reinig het pistool en productresten met wat lauw water.
  • Sluit de boringen af met wat mortel of een plug zonder het product te verdringen. Dus niet de boring deels of volledig gaan opvullen met mortel.

U ben klaar met injecteren !!


A.1.4) Bepaal dat u een zoutscherm zal plaatsen:

U heeft een zoutscherm nodig in volgende gevallen:

  • Er werden zouten vastgesteld (vraag eventueel naar een diagnose door ons)
  • Er zijn aangrenzende muren die u niet kan loskoppelen met verticale barrières
  • U wil afwerken tot onder de injectieboringen
  • U wil onmiddellijk afwerken zonder het uitdrogen van de muur af te wachten

Opmerking: men kan niet zomaar over de boorgaten pleisteren. Plaats dus eerst een zoutscherm zodat er geen vochtbrug ontstaat over de net aangebrachte horizontale en mogelijk ook verticale barrière.

Wij leveren zoutschermen zoals u ze wil plaatsen:

  • Door te schilderen:  Remmers MB 2K met als grondering Remmers Kiesol MB. Handig in plaatsing. Aangeraden bij onregelmatige oppervlakten. Naden zijn er niet. Kans op fouten is miniem.

       Afbeelding 15: zoutscherm met Remmers MB 2K
 

  • Door te lijmen: Remmers SNC-folie wanner de muur stabiel is en Drybase Flex Fleece wanneer de muur nog kleine zettingen ondergaat. Wij adviseren als lijm voor alle situaties Remmers FL Fix of wanneer er geen tot zeer weinig zouten in de muur zijn Compaktuna FLEXcement PLUS.
  • Door pluggen: NEWTON noppenmembranen. Hier dient u boringen aan te brengen in de muur en het membraan met pluggen vast te maken. Dit membraan raden we vooral aan wanneer de muur nog (beperkte) zettingen ondergaat. Wanneer u nadien wil pleisteren of lijmen op het membraan heeft u de versie met weefsel nodig.

 

Verdere informatie over de plaatsing van deze producten kan u vinden bij de artikelen zelf in onze webshop.

 

B) Hygroscopisch vocht

Hierbij gaan hygroscopische zouten in de muur vocht uit de lucht opnemen en afgeven aan het bouwmateriaal. Zouten kunnen nog meer schade aanrichten en zijn regelmatig een onderschat probleem. Zo kunnen ze ook 6 tot 8x hun volume uitzetten en stenen verpulveren, bezetting en verf doen lossen enz. Zouten zijn of afkomstig uit bouwmaterialen of werden door grondvocht opgenomen of werden toegebracht door bvb. strooizout of dierenuitwerpselen. Een zoutscherm kan hierbij de zouten afsluiten van de lucht waardoor ze geen vocht in het bouwmateriaal meer toevoegen en waardoor ze niet verder kunnen kristalliseren omdat er op die plaats geen verdamping meer plaatsvindt. Voor sommige oplossingen raden wij neutralisatie en inkapseling van zouten door bvb. Remmers Zoutsper aan (bvb. bij kelderdichting). Maar niet voor elk type afwerking bestaat er een goedkope oplossing. Vraag raad om zouten op te sporen en hun nadelige werking op te lossen. Zie voor de gangbare oplossingen puntje A.1.4 na opstijgend vocht te hebben behandeld of puntje C voor metselwerk dat in contact staat met de bodem.

 

C) Kelderdichting (of ruimtes die deels of volledig onder het maaiveld liggen):

De term maaiveld is eigenlijk het hoogste niveau buiten, dat kan dus ook de straat, de tuin of een verharde oppervlakte zijn.

Een kelderdichting van muren kan bij nieuwbouw bij voorkeur langs buiten terwijl bij renovatie dit meestal langs binnen dient te gebeuren.

C.1) Kelderdichting van muren langs buiten:

Wij adviseren het gebruik van Remmers MB 2K met als grondering Kiesol MB. Ze is uiterst drukvast (beter dan bitumen), is bestand tegen zuren, zouten, radon en scheuren tot 3mm. Ze is eenvoudig aan te brengen met een blokkwast (1 laag Kiesol MB en 2 lagen MB 2K van elk 1,5 mm, dus 3 mm in totaal). Bij een klassieke bouw moet er minstens 30 cm overlapping zijn met de betonnen fundering. Bij betonnen (prefab) kelders bij voorkeur 20 cm lager dan de binnenvloer. Als optie kan er na uitdroging ook een drainagemat tegenaan gelegd worden. Zie voor meer info bij het artikel in onze shop.

       Afbeelding 16: Remmers MB 2K aan te brengen met blokkwast


C.2 Kelderdichting van muren langs binnen:

Deze methode voorkomt dat u rondom het huis alles dient weg te graven met schade en mogelijke stabiliteitsproblemen tot gevolg. Wanneer er dan ook geen betonnen fundering aanwezig is heeft de kelderdichting langs buiten weinig tot geen voldoende effect. Gelukkig bestaat er een waterdichte oplossing door het samenstellen van een starre bekuiping langs binnen waarbij u de ruimte kan omtoveren tot een droge voorraadruimte of zelf leefruimte. Vergewis u ervan dat de constructie stabiel is en er geen verdere scheuren of zettingen kunnen ontstaan. Een starre bekuiping is hiertegen niet bestand. Naargelang de bestemming van de ruimte hebben we voor u 2 mogelijke systemen van bekuipen:
 

C.2.1) Remmers Kiesol Basic Systeem, voor de droge voorraadruimte

       Afbeelding 17: het Remmers Kiesol Basic Systeem
 

C.2.2) Remmers Kiesol Systeem, voor het creëren van een leefruimte onder maaiveld of in de kelder.

       Afbeelding 18: het Remmers Kiesol Systeem


Werkwijze:
Beide systemen starten met éénzelfde werkwijze en zijn in deze handleiding halverwege opgesplitst:

  • U dient de ondergrondse ruimte langs binnen “uit te kleden” en dus te ontdoen van verf en bezettingen om zo vanaf een stevige basis (ruwbouw) te kunnen starten.
  • Eventuele lekken kan u onmiddellijk stoppen met Compaktuna Rapolith of Remmers Waterstop.

       Afbeelding 19: Lekken stoppen

  • Doorvoeren van leidingen kan u afsluiten met Remmers Stopaq. Leiding die met een slechte of zonder dichting (dan enkel ruwbouw) naar binnen komen dienen tot ongeveer 5 cm diepte en 2-3 cm rondom de leiding vrijgemaakt te worden. Vul de gemaakte holte met Remmers Stopaq tot ongeveer 1-2 cm van de oppervlakte. Over Remmers Stopaq dient nog een tegendruklaag met Remmers WP DS levell gemaakt te worden in de overblijvende 1-2cm.
     

       Afbeeling 20: Remmers Stopaq

  • Binnenmuren staande op een betonnen vloerplaat van minstens 15cm dikte zouden kunnen worden losgekoppeld maar veelal worden ze mee bekuipt.
  • Injecteer tegen opstijgend vocht voor het gedeelte dat zich bovengronds bevindt (zie “Deel A: Werkwijze ter behandeling van opstijgend vocht”.
  • Indien u ook de vloer wil bekuipen kan u eerst puntje C.3 “Kelderdichting van vloeren langs binnen” uit deze handleiding uitvoeren.
  • Gronderen met Remmers Kiesol (1:1 met water verdund) of Remmers Zoutsper.
  • Nat in nat een eerste laag van 1 mm Remmers WP Sulfatex aanbrengen met blokkwast.
  • Wanneer de WP Sulfatex een kleine tijd heeft getrokken, dat is ongeveer 1-2 uur later, een kimnaad (kwart afgeronde mortellaag, zie afbeelding 21) met WP DS Levell aanbrengen tussen vloer en muur en eventuele onregelmatigheden uitvlakken met Remmers WP DS Levell. Ook leidingen kunnen worden weggewerkt met Remmers WP DS Levell. Tip: scherpe kanten afschuinen of afronden met Remmers WP DS Levell.

       Afbeelding 21: kimnaad


Verdere werkwijze voor het Remmers Kiesol Basic Systeem (voorraadruimte):

  • Wanneer de eerste laag WP Sulfatex “veegvast” is, dat is maximum 24uur na aanbrengen, de tegendruklaag van 2cm pleisteren met Remmers WP Top (basic).
  • Uw muurbekuiping is klaar. Als optie kan nog gekozen worden om een anti-condenslaag aan te brengen met Remmers SP Top SL Basic of afwerklaag met Remmers IQ-Top SLS in een dikte van 5mm. Schilderen kan uitsluitend met dampopen verf, bvb acryl verf.

Verdere werkwijze voor het Remmers Kiesol Systeem (leefruimte):

  • Wanneer de eerste laag WP Sulfatex “veegvast” is, dat is maximum 24uur na aanbrengen, opnieuw een laag Remmers WP Sulfatex met blokkwast aanbrengen, deze maal ongeveer 1,5mm dik.
  • Wanneer de tweede laag WP Sulfatex “veegvast” is, dat is maximum 24uur na aanbrengen, opnieuw een laag Remmers WP Sulfatex met blokkwast aanbrengen, deze maal ook ongeveer 1,5mm dik.
  • Wanneer de derde laag WP Sulfatex “veegvast” is, dat is maximum 24uur na aanbrengen, één laag aanbrandmortel Remmers SP Prep aanbrengen door werpen, spatmolen, spuiten of als slurry met de kwast aangebracht. Deze laag zorgt voor een goede hechting tussen WP Sulfatex en volgende laag, de tegendruklaag met Remmers SP Top White.
  • Laat het geheel enkele dagen drogen.
  • Breng de tegendruklaag dewelke ook de afwerklaag is aan met Remmers SP Top White (wit zoutbestendig en zoutbufferend pleister) in een dikte van 2 tot 3 cm.
  • Uw muurbekuiping inclusief pleister is klaar. Schilderen kan uitsluitend met dampopen verf, bvb acryl verf.
     

Werkt u muur per muur of ruimte per ruimte dan is een overlapping van 10cm met de reeds aangebrachte bekuiping noodzakelijk.

Opmerking: er mogen in de kelderbekuiping geen boringen worden gemaakt tenzij u de geschikte maatregelen neemt ter dichting.

Een ventilatiesysteem kan hier ook voordelen hebben.
 

       Afbeelding 22: Leefruimte in kelder


C.3) Kelderdichting van vloeren langs binnen:

Wanneer u de keldervloer (of vloeren die onder maaiveld liggen) wil dichtmaken dient u een stabiele chape of betonnen vloerplaat te hebben. Heeft u die niet dient u deze eerst aan te brengen.

Werkwijze:

  • Verwijder zoveel mogelijk reeds aangebrachte verflagen, bekledingen, losse delen…
  • Grondeer de vloer met Remmers Kiesol MB
  • Breng in 2 lagen van telkens 1,5 mm (3 mm in totaal) Remmers MB 2K aan met een blokkwast. Wachttijd tussen 2 lagen minimum 9 uur.
  • Breng een tegendruklaag aan van chape, minimum 4 – 5 cm dikte.
  • Werk de vloer af zoals gewenst.
     

D) Indringend vocht langs de gevel of van buitenaf:

Een gevel kan vocht opnemen en zelf het vocht naar binnen geleiden wanneer de spouw niet goed werd uitgevoerd of wanneer er geen spouw aanwezig is (volle muren).
De gevel kan bestaan uit vele soorten materialen en afwerkingen.
Uiteraard zijn barsten niet gunstig en kunnen best eerst worden gedicht.
Wanneer het voegwerk in slechte staat is kan gedeeltelijk of volledig hervoegen een oplossing zijn. Voegen kunnen vervangen worden door waterafstotende soorten.
Bij gevels met minerale bouwstoffen dient er sowieso nagegaan te worden dat er zouten aanwezig zijn. De hieronder beschreven oplossingen gaan ervan uit dat er geen zouten aanwezig zijn. Weet u niet goed dat er zouten zijn of wat u dient te doen indien er zouten in de gevel zitten, contacteer ons.

 

Oplossingen (zonder aanwezige zouten):

D.1) Hydrofoberen of impregneren:
Waterindringing door microscheurtjes en/of porositeit van een mineraal materiaal kan worden verhinderd door een hydrofoberende laag aan te brengen. Dit kan voor bakstenen, blauwe steen en de meeste minerale bouwmaterialen met Remmers Gevelcrème 25.

Hydrofoberen zal het water afstoten door het verschil in oppervlaktespanning en laat de gevel ademen door zijn dampdoorlatende karakter. De Remmers Gevelcrème 25 is na uitdroging volkomen onzichtbaar. Ze heeft een diepe werking omdat een crème een langere contacttijd maakt dan een impregneervloeistof. Zo zal de Remmers Gevelcrème 25 gemiddeld 15 jaar lang werken waar dat voor een impregneervloeistof slechts enkele jaren is.


       
Afbeelding 23: Gevel hydrofoberen

Alvorens de Remmers Gevelcrème 25 aan te brengen kan een reiniging van de gevel zinvol zijn. Meestal is een reiniging met een hogedrukreiniger voldoende. Vuil dat met een hogedrukreiniger niet lost dient echter “opgelost” te worden door chemische losweking. Vraag raad wanneer de vervuiling chemisch dient verwijderd te worden.
 

D.2) Schilderen:
Hier kan waterindringing door microscheurtjes en/of porositeit van een mineraal materiaal worden verhinderd door een dekkende laag aan te brengen dewelke waterafstotend werkt maar wel dampdoorlatend dient te zijn. Er bestaan verschillende soorten verven. Sommige verven hebben eigenschappen die vuil afstoten of algen- en mosremmende eigenschappen hebben waardoor de gevel langer mooi blijft. Ook barsten kunnen in beperkte mate door verven met flexibele eigenschappen worden opgevangen.  Wij kunnen u alle soorten verven van Remmers aanleveren in de door u gekozen kleur. Vraag gerust informatie aan ons.

 

D.3) Kaleien:
Kaleien is het aanbrengen van een kalkpleister met een borstel op de gevel. Dit geeft een mooi en rustiek uiterlijk. De werken zijn vergelijkbaar met schilderen al wordt een kalei-laag meestal dikker aangebracht. Pigment wordt toegevoegd om de gewenste kleur te bekomen. Best de laag in 1 keer op de volledige gevel aanbrengen. Er bestaan verschillende soorten kaleien:

  • Pure minerale kalk: bestaat reeds vele honderden jaren en is de meest dampopen soort kalei. Ze is ook meer dampopen dan zowat alle soorten verf. Echter is ze niet helemaal waterdicht waardoor bij slagregen of bvb een lekkende dakgoot toch vochtschade kan ontstaan. Door de ademende eigenschappen is ze in sommige gevallen de beste keuze.
    Een vochtige gevel zal met deze kaleisoort het snelste uitdrogen. In beperkte mate kan ze sommige zouten laten expanderen. Na ongeveer 5 jaar dient de kaleilaag herdaan te worden. De kalei kan worden gehydrofobeerd zodat ze waterafstotend zal worden gemaakt. Hierdoor blijft ze ook langer mooi en zal een groene aanslag en mos minder kans krijgen.
  • Kalk- en cementkalei: het hoofdbestanddeel is hier ook kalk maar een hoeveelheid cement werd toegevoegd om enkele eigenschappen te verbeteren. Ze zal bestendiger zijn tegen indringing van water. Deze kaleilaag is duurzamer waardoor ze langer goed blijft. Echter zal ze minder goed ademen dan een pure minerale kalk kalei. Niet te gebruiken voor zachte gevelstenen of bij aanwezigheid van schadelijke zouten.
  • Volgens mengsel van de fabrikant: meestal door toevoeging van chemische stoffen die bepaalde eigenschappen verbeteren. 

       Afbeelding 24: gevel met kalei

Contacteer ons als u meer informatie wil over de keuze of het aanbrengen van een kalei. Wij kunnen ook verschillende kalei-producten aanbieden.
 

D.4) Pleisteren of crepi:
Een pleister of crepi wordt zowel voor nieuwbouw als bij renovatie toegepast. Hierbij wordt de oppervlaktestructuur van de gevel onzichtbaar gemaakt en wordt een nieuwe structuur aan de oppervlakte van de pleister aangebracht. Bij aanpassingen aan de gevel van de woning kan het onregelmatige baksteenverband of verschil in kleur worden “weggestopt” achter deze nieuwe gevelbekleding. De mogelijkheden in structuur en kleur zijn groot. Regelmatig gaat het aanbrengen van een pleister gepaard met het isoleren langs buiten. Zeker bij renovaties is dit een grote meerwaarde. Een isolatieschil aan de buitenkant van de woning heeft het voordeel dat er minder kans bestaat op koudebruggen ten opzichte van na-isoleren langs binnen.
Het aanbrengen van pleister of crepi wordt bij voorkeur door een stucadoor uitgevoerd. Slechts weinig doe-het-zelvers komen tot een onberispelijk resultaat.  
Er bestaan in hoofdzaak 2 soorten pleister: de minerale pleister en de kunstharspleister.

 

D.5) Gevelbekleding in hout, metaal, leien of kunststof:
De gevel wordt hier “toegedekt” door een afwerking die het visuele aspect van de gevel sterk verandert. Net zoals een pleister of crepi kan hier gekozen worden voor isoleren langs buiten. Deze elementen worden opgehangen aan de gevel, meestal op een kaderwerk. Een membraan tussen de oude gevel en de afwerkingsmaterialen is bijna altijd noodzakelijk. 

       Afbeelding 25: Gevelbekleding
 

D.6) Nieuwe voorzetgevel of gelijmde steenstrips:
Ook hier wordt het uitzicht van de gevel vernieuwd. Bijkomend voordeel kan een extra isolatielaag zijn. In het geval van een voorzetgevel dient er wel een fundering voorzien te worden en dienen de werken meestal door een aannemer uitgevoerd te worden. De steenstrips al dan niet op isolatieplaten gekleefd heeft geen extra fundering nodig. Een goede doe-het-zelver kan hiermee meestal wel aan de slag. Er bestaan systeemplaten waarvan de isolatieplaat reeds vanuit fabriek werd voorzien van steenstrips. Er dienen dan wel nog over de naden losse steenstrips gelijmd te worden. De keuze is ruim.

 

E) Condensatie:

Lucht kan vocht opnemen (verdampen) en afgeven (condenseren). De hoeveelheid vocht dat lucht kan vasthouden is voornamelijk afhankelijk van de temperatuur, de luchtdruk en de oppervlakte waarmee ze in aanraking komt. Lucht kan een verzadiging bereiken, dat wil zeggen dat ze de maximum hoeveelheid vocht vasthoudt die ze kan (relatieve vochtigheidsgraad is dan 100%). Wanneer lucht met een zekere hoeveelheid vocht in contact komt met koudere oppervlakten kan ze daar het vocht afzetten.

Condensatie ontstaat dus meestal met een hoge relatieve vochtigheid in combinatie met koude oppervlakten.

Vocht in lucht is onvermijdelijk maar ook noodzakelijk voor een goede gezondheid. Meestal is een relatieve luchtvochtigheid van 50-60% ideaal.

Er bestaan verschillende methodes om condensatie te voorkomen:

  • De relatieve vochtigheidsgraad van de lucht doen dalen. Dit kan bvb. door lucht te verversen, een ventilatiesysteem, een lucht- of bouwdroger, enz.
  • De temperatuur van de koude oppervlakten doen stijgen. Dit kan door bvb. veranderen van beglazing, isoleren van de woning of delen van de woning of door een kleine film aan te brengen op binnenmuren waardoor de oppervlaktetemperatuur stijgt. Let wel dat wanneer de plaats van condensatie opgelost lijkt er mogelijk een andere plaats is die op dat ogenblik het koudste is en waar daar de condensatie verder kan manifesteren.
  • Somme zouten dewelke mogelijk aanwezig zijn in bouwdelen kunnen al condensatie veroorzaken bij een relatieve luchtvochtigheidsgraad van 29% ! Zie als oplossing deel B: Hygroscopisch vocht.


F) Vocht indringend via de sokkel:

De gevel krijgt onderaan meestal meer te verduren dan erboven. Er kan sprake zijn van opspattend water, plassen, lekkende hemelwaterafvoer, grondvocht,.. in combinatie met mogelijk strooizout of zouten uit de bodem.
Een gevel die redelijk wat water of vocht opneemt kan voor verschillende problemen zorgen. Vocht kan mogelijk het bouwmateriaal aantasten, indringen tot binnen of bevriezen en zo het bouwmateriaal schade aanrichten. Een gevel die lijdt aan één of meerdere van die problemen kan baat hebben met een sokkel. Achter de sokkel kan mogelijk nog thermisch worden geïsoleerd. Enkele voorbeelden:

F.1) Natuursteen:
Natuursteen wordt gelijmd tegen de gevel en afgedicht. Een natuursteen zal in meer of mindere mate vocht kunnen opnemen en dus is het loskoppelen van de steen met een vochtwerende laag of lijm noodzakelijk. Wanneer de natuursteen toch vocht kan doorgeven kunnen ze hydrofoob gemaakt worden. Zie puntje D.1 van deze handleiding.

F.2) Gecementeerde plint:
De plint wordt hier ter plaatse gepleisterd met vochtwerende mortel. Wij raden voor een klassieke gevel in bakstenen hiervoor Remmers WP DS Levell aan. Deze mortel is waterwerend en zoutbestendig: Mortels die niet zoutbestendig zijn en worden gebruikt op zoutbelaste ondergronden kunnen opnieuw lossen.
Wanneer de gevel hogerop ook wordt gepleisterd eventueel in combinatie met isolatie zal de stucadoor de gevelplint ook op dat moment kunnen aanmaken.

 

G) Dak- en dakaansluitingen:
Er zijn aan dak- en dakaansluitingen tal van mogelijke uitvoeringen en combinaties mogelijk waardoor we deze materie overlaten aan dakwerkers.

Wel kunnen we adviseren om leien, dakpannen of cementvezelplaten met regelmaat te ontdoen van mos en groene aanslag. Mossen kunnen met hun fijne wortels tussen de elementen dringen en alzo vocht en waterdruppels doorlaten. Dit is schadelijk voor dakgebinte, isolatie, binnen- en buitenafwerking, gezondheid,…

Ontmossen kan milieuvriendelijk met Remmers AM-Stop. Bij zware vervuiling raden we aan eerst de mossen te verwijderen met de hogedrukreiniger. Bij lichte vervuiling kan dit na aanbrengen van AM-Stop gebeuren. Na het ontmossen raden we Remmers Color PA Roof aan in 2 lagen geschilderd of gespoten zodat het dak een nieuw uitzicht krijgt en de mossen voor 5-10 jaar verhinderd zullen worden om zich opnieuw te installeren.
 

H) Afdichting tussen raam en gevel:
In bijna alle gevallen wordt er tussen raam en gevel een flexibele afdichting voorzien. Verschillende soorten materialen hebben verschillende uitzettingen bij temperatuurwijzigingen. De meest gekende afdichting is op siliconebasis die zowel waterwerend als flexibel is. Ze kan echter met de jaren verouderen, vooral onder invloed van UV. Ze nakijken en dus tijdig vervangen kan vochtproblemen voorkomen.
Een uitzwelband wordt ook met regelmaat toegepast. Ook hier kan veroudering met de jaren optreden.

 

I) Lek in leiding, afvoer, douche,…:
Het spreekt voor zich dat een lekkende leiding, afvoer, douche, enz. voor veel vochtproblemen kan zorgen. Vooral oudere huizen hebben leidingen in een metaalsoort dewelke door corrosie door de jaren kunnen lekken. Echter zijn vele leidingen en afvoeren in een bouwmateriaal zoals muur of vloer ingewerkt waardoor de schade dikwijls pas laat zichtbaar komt. Daarbij komt dat de lek oplossen dikwijls gepaard gaat met openbreken van het bouwmateriaal.
Ook kan een douche water doorlaten tot in het bouwmateriaal. Inloopdouches moeten op een juiste manier worden opgebouwd. Alvorens tegels of pleisterlagen aan te brengen raden wij het gebruik van 1 laag Remmers Kiesol MB en 2 lagen Remmers MB 2K aan. Remmers MB 2K is een 2-componenten mortel die scheuren aankan tot 3mm ! Verder is ze bestand tegen zepen en schoonmaakmiddelen.

 

Wij trachten met deze handleiding u zo goed mogelijk van dienst te zijn in uw project. Aarzel niet ons te contacteren wanneer u vragen heeft over uw persoonlijke situatie:

Klik hier om ons te contacteren

Klik hier voor informatie over een diagnose ter plaatse

© 2017 - 2021 Confy | sitemap | rss | webwinkel beginnen - powered by Mijnwebwinkel